Hoi, daar zijn we weer! En ik moet zeiken als de Grote Beer en poepen als de Kleine. In je broek en in het circus; waar anders heeft een beer een broek an. Óp de boulevard! Om niet als zodanig herkend te worden. Plus de welbekende hoodey natuurlijk. Men herkent hem anders wel aan die fameuze strontlucht en zijn harige poten.
Ach welnee, dan denkt men toch zeker liever onmiddellijk aan Roodkapje?! Daar is zij weer en zegt: Grootmoeder, wat heeft u een harige poten! "Dat zijn de vrienden van de jager mijn kind." Wel nu nog mooier, straks gaat zij beweren dat de jager haar heeft opgegeten? Integendeel! Zij heeft de jáger opgegeten!
Jáhaa, en nu laat zij, zoals dat in vaktermen heet:
rifle-shot farts!
PAF! RETTEKETET, PAF! PAF! PAF! Gelukkig Nieuwjaar, Roodkapje! Roodkapje: Gelukkig maar inderdaad, ik hoopte al dat er niemand over die beer zou beginnen, met zijn strontlucht. Al: IK heb er niets mee te maken. Ik ben mijn MOTORFIETS aan het oplappen. Grootmoeder: Maar ik laat HEM nu even stationair draaien. Voor extra ruftbaarheid aan de zaak. Op het station bijv. of bij Welingelichte Kringen! Beer: Hoe de hel is El? Al is gewoon Sjon en hoe krijg ik in godsnaam die vlekken eruit, maar dat wil en kan die beer niet langer weten. Geef die maar een
DUIMSTOK, dan kan hij zijn keutels op gaan meten ...
En ze leefden nog lang en gelukkig.
"Nou jaaa!!!"
O; dag Tante Kay! Wordt het toch nog gezellig, na dat eindeloze Kerstdiner, op de Noordpool, inmiddels in roeiboten gevestigd. "Nog iemand Jägermeisterpudding?"
Waarom niet. Misschien kun je er duiven mee over de kling jagen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten